Op zes september 2017 overleed Kate Millett op 82-jarige leeftijd. Zij is bekend geworden met het op haar proefschrift gebaseerde boek Sexual Politics (1970). Daarin beschreef ze hoe mannen een maatschappij hadden gevormd waarin de vrouw systematisch werd onderdrukt. Zij was een boegbeeld van het radicaal feminisme. Zij hield een pleidooi voor het laten horen van stemmen van vrouwen. Voor ons, in een tijd waarin vrouwenstudies een gerespecteerd vak is, is het moeilijk voor te stellen dat die oproep toen revolutionair was. In die tijd werd de rol van vrouwen in de geschiedenis vaak doodgezwegen. Zo staat er in mijn boekenkast een gezaghebbend boek over de middeleeuwen uit de jaren zestig waarvan de index alleen ‘vrouwenoverschot’ als enige verwijzing naar de positie van de vrouw geeft. Millett wilde met name de stem van prostituees laten horen met onder meer als doel dat ‘nette vrouwen’ zich ter discussie gingen stellen. Ze riep op tot solidariteit met prostituees.

In december 1971 organiseerden Amerikaanse feministen een conferentie over prostitutie. Kate Millett was een van de spreeksters. Op het bewuste congres waren een paar prostituées uitgenodigd omdat het tijd werd ‘dat de vrouwen die zich het meest vernederden voor mannen die echtscheiding duurder vonden dan een hoer, eens hun mond opendeden’. Dat lieten hoeren die tegen alle verwachtingen in waren komen opdagen, zich geen tweemaal zeggen. Ze trokken fel van leer tegen de bemoeizucht en de betweterigheid van de ‘nette feministen’. Zij waren vooral boos omdat hun bijdrage als  ‘Op weg naar de uitbanning van de prostitutie’ was vermeld. Zij wilden niet gered worden, maar als werkenden erkend worden.

‘Je kon niet anders dan met een soort geboeide afschuw toekijken. En deze vreemde nerveuze vrouw met haar eigenaardige, in een onwaarschijnlijke kleur grijs geverfde haar, getooid met een waterval van kettingen, fel vernietigend in haar beschuldigingen, een ware jezuïet in haar argumentatie, deze vrouw groeide en woekerde op het podium waarbij ze ieder ander met enige inbreng uitrangeerde, zo was ze vervoerd door haar eigen gevoel van macht. Een mystiek wezen, een goddelijke manifestatie, een dwingende kracht die de banale lelijkheid van de aula vulde, hier stond de Prostituée, pauselijk in haar gezag,’ zo beschreef Millett haar kennismaking met een prostituée in 1973 bij een nieuwe druk van haar The Prostitution Papers (Feiten over Prostitutie, p. 19) In datzelfde voorwoord steekt zij Margo St James van de toen net opgerichte sekswerkersorganisatie Coyote een hart onder de riem.

Millett was een van de eersten, zo niet de eerste die prostituees hun eigen verhaal liet vertellen. Een van hen was bijvoorbeeld begonnen met tippelen om een kaartje te kunnen kopen voor een concert van Miles Davis.

Bronnen

Sietske Altink