De bezetting van de kerk in Lyon door prostituees.

De bezetting van de kerk in Lyon door prostituees.

We schrijven het jaar 1983. In Rotterdam eten een paar vrouwen en mannen in een Italiaans restaurant. Ze waren naar een bijeenkomst op de Erasmusuniversiteit geweest waar werd geprobeerd een internationaal netwerk tegen vrouwenhandel op te richten. Aan tafel zaten enkele mensen die de komende jaren nog een grote rol zouden gaan spelen in de vormgeving van de prostitutie en de emancipatie van prostituees: Gail Pheterson, Margo St.James, Jan Visser, een vertegenwoordiger van wat later de KLEP zou worden en ik.

Onder het eten ontstond er een discussie over prostitutie als werk. Tot dan toe was prostitutie namelijk vooral als een zedelijk probleem, zondig gedrag, een sociaal probleem, vrouwenonderdrukking en seksueel geweld gezien.

Ook aanwezig was een vriendin van Gail Pheterson die onderzoek deed naar seksuele fantasieën van vrouwen. Ze viel van haar stoel: ‘Werk, gewoon werk? Is prostitutie werk?’ Hoe moet ik me dat voorstellen?’ Naderhand zou zij, net als velen in Nederland de visie overnemen dat prostitutie ‘arbeid’ is en de term prostitutie zelfs vervangen door de term ‘sekswerk’.

Pioniers

Op de bijeenkomst in 1983 op de Erasmusuniversiteit waren ook de activisten tegen seksreizen naar Thailand aanwezig. Deze vrouwen hergroepeerden zich al snel in het SAV: Stichting Actie Tegen Vrouwenhandel, omdat ze hadden gezien dat Thaise vrouwen in erbarmelijke omstandigheden in Nederlandse seksclubs werkten. Dit werd later de Stichting tegen Vrouwenhandel, die later weer werd getransformeerd tot Comensha. De vrouwen van SAV werden later actief in de Nijmeegse Draad, een lokale versie van De Rode Draad. Enkele jaren later zouden zij expert worden op het gebied van sekstoerisme en mensenhandel. (Van Vleuten en Roerink, 1988).

Al deze mensen werden bij elkaar gebracht door Gail Pheterson. Zo eens per maand kwamen zij en prostituees bij elkaar in het huis van Gail, aan de Zocherstraat in Amsterdam, waar  zittend op de biezen tegels werd gebrainstormd over prostitutie. Later werd dit De Roze Draad.

Hier en daar ontstonden er groepjes en werkgroepen die zich met het thema prostitutie als arbeid gingen bezighouden. Begin jaren tachtig was er een ander opmerkelijk initiatief van De Werkgroep Prostitutie, afdeling Rijnmond. Deze werkgroep vond dat prostitutie als beroep erkend moest worden. Het hoorde niet thuis bij justitie, maar moest onder het Ministerie van Sociale Zaken gaan vallen. Ook protesteerde deze werkgroep tegen Eroscentra, maar vond dat prostitutie in de maatschappij moest worden geïntegreerd. Download hier het pamflet.

1983: Jan Visser van de Mr. De Graafstichting was in deze jaren de spil in de contacten met de vrouwen die in de praktijk van de prostitutie werkten. In het radioprogramma Met het Oog op Morgen  trachtte hij de mensen te mobiliseren. Inmiddels waren er meer mensen, vooral vrouwen in prostitutie geïnteresseerd geraakt. Gail Pheterson, de researcher in wat we wij nu vrouwenstudies zouden noemen, later hoogleraar vrouwenstudies in Berkeley, was inmiddels in Nederland aan de slag gegaan. Begin jaren tachtig voegde zich Margo St James bij haar, de woordvoerder van Coyote (Cast Off Your Own Tired Ethics), de prostitute’s rights beweging in de Verenigde Staten. Zij was op 2 december 1984 te zien bij Adriaan Van Dis. Pheterson bracht vrouwen  – niet -hoeren en hoeren, in het jargon van die tijd-  bij elkaar door middel van de methode van het co- counselen. Dat ging als volgt. Vertegenwoordigers van de hoeren en de niet-hoeren werden bij elkaar gezet om het gemeenschappelijke in elkaar te ontdekken. Dit gebeurde vaak in het kantoor van de Stichting De Maan. Een document uit die periode:1986 ws co counseling rosse en rode draad

De psychotherapeute Martine Groen werkte bij De Stichting De Maan, (1981 tot eind 1992) een instelling die methodieken ontwikkelde  voor vrouwenhulpverlening, bekend geraakt met de problematiek van prostituees. Zij werkte mee aan de co- counseling sessies en aan het ontwikkelen van methodiek om vanuit de kracht van prostituees deze groep te bedienen. In 1987 publiceerde zij het Hoerenboek  en in de jaren 1987-1990 werkte zij met Ine Vanwesenbeeck en mij aan het onderzoek naar Hulpzoekgedrag van Prostituees.

Copyright: S.Altink