Judith Walkowitz op de COST conferentie (rechts)

Judith Walkowitz op de COST conferentie

Tot ongeveer de jaren tachtig van de vorige eeuw waren er maar weinig vakhistorici die over prostitutie schreven. Sowieso had men er geen oog voor dat vrouwen een eigen plaats in de geschiedenis innamen. In een van de meest gezaghebbende boeken over de middeleeuwen in Nederland uit 1978 (Jansen) is ‘vrouwenoverschot’ de enige term in het register die verwijst naar de positie van de vrouw. Over prostitutie en bordelen geen woord.

Serieuze historici hielden zich vooral wat de periode van vóór de negentiende eeuw betreft nauwelijks bezig met de geschiedenis van de prostitutie. Het waren vooral medici die lijvige boeken over deze geschiedenis schreven, bijvoorbeeld Bloch (1912). Een enkele keer boog een jurist of een journalist zich over dit onderwerp. Dat gold bijvoorbeeld voor een man die zich P. L. Jacob noemde en onder de schuilnaam Dufour in 1851 een omvangrijke geschiedenis van de prostitutie schreef.

Wanneer historici of sociologen zich wel in het onderwerp verdiepten, schreven ze meestal een hele globale geschiedenis die in de oudheid begon en tot in hun contemporaine situatie doorliep. (Vern & Bullough, 1964, Altink, 1983). Gedetailleerde studies over prostitutie in diverse landen in de middeleeuwen waren schaars.

Onder invloed van de historici van de Annales groep kwam er echter meer aandacht voor het dagelijks leven van mensen die geen deel van de (politieke) elite uitmaakten. Daar kwam in de jaren tachtig de roep van de vrouwenbeweging bij om meer aandacht te besteden aan de rol van vrouwen in de geschiedenis. Het gevolg hiervan was dat er vanaf de jaren tachtig uitstekende studies zijn verschenen op het gebied van de prostitutie in de middeleeuwen. Deze publicaties gaan meestal over een stad of een regio die uitgebreid wordt beschreven. De auteurs raadplegen oorspronkelijke bronnen – voor zover aanwezig-  en proberen alle facetten van de prostitutie in kaart te brengen.

Prostitutie in de zeventiende eeuw in Nederland is goed gedocumenteerd. (Van de Pol, 1996). Historische werken over de prostitutie in de achttiende eeuw zijn echter schaars. (Noordam, 1985).

Negentiende eeuw

Over prostitutie in de negentiende eeuw is inmiddels veel gepubliceerd. Een pionier (Corbin, 1978) had met gebruik van de inzichten van de filosoof Michel Foucault een klassiek werk over prostitutie in de negentiende eeuw geschreven. Judith Walkowitz publiceerde in 1980 het baanbrekende Prostitution and Victorian Society, Women, Class and the State, (1980). Daarin beschreef zij het ontstaan van ‘the common whore’, een concept waarin de prostituee haar leven lang wordt gestigmatiseerd.  

Op 11 september 2014 hield Walkowitz een presentatie voor de wetenschappers die verenigd zijn in het netwerk Prospol (Prostitution Policy) van COST. Zij vertelde dat ze met andere feministische historici in de rol van vrouwen in de 19de eeuw geïnteresseerd raakten. In deze feministische groep ging men sekswerkers als agents (handelende personen) zien, als vrouwen die een beroep uitoefenden en niet per definitie slaven waren, wat toen de gangbare opvatting was.

Er is inmiddels veel onderzoek verricht naar prostitutie in de negentiende eeuw, ook in Nederland, bijvoorbeeld door Petra de Vries (1997) en Wilma van den Brink. (2008). Ook bij de vele historische verenigingen die ons land kent, zitten mensen die de negentiende-eeuwse registers uitspitten. Hun werk is vaak van internet te downloaden. [I]Sekswerkerfgoed maakt dankbaar gebruik van hun monnikenwerk. Het feit dat vele archieven worden gedigitaliseerd,  geeft daar weer een nieuwe impuls aan. Historisch onderzoek naar prostitutie is een serieus onderwerp geworden en is al lang niet meer iets dat men onder een schuilnaam publiceert.

Klik hier voor nadere gegevens over genoemde publicaties.
Klik hier voor bijvoorbeeld de prostitutie in het negentiende- eeuwse Leiden.

Sietske Altink

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Noten   [ + ]

I. Sekswerkerfgoed maakt dankbaar gebruik van hun monnikenwerk.