Het is heel moeilijk, zo niet onmogelijk, om in neutrale termen over prostitutie/sekswerk te schrijven. De termen die in het debat worden gebruikt – zoals prostitutie en sekswerk- zijn immers waarde geladen, met andere woorden, ze bevatten een oordeel. Ook deze site ontkomt daar niet aan aangezien de term sekswerk in de domeinnaam is opgenomen.

In de eerste plaats is dit omdat het uitgangspunt van de maker van de site is dat het om werk gaat. Een bijkomend voordeel van de term sekswerk is dat de afgeleide term: sekswerker, sekseneutraal is en dus ook mannelijke sekswerkers kan aanduiden. Een nadeel van de term sekswerker kan zijn dat die term in de internationale gemeenschap ook mensen aanduidt die wel met seks werken, bijvoorbeeld stripteasedanseressen, maar niet direct lichamelijk contact met klanten hebben. Die ruimere betekenis kan onduidelijkheden opleveren, vooral als er gegevens worden gepresenteerd over bijvoorbeeld de werkomstandigheden, die nu eenmaal voor een erotische danseres anders zijn dan voor een sekswerker in een bordeel. Ook zal de laatste meer in het werk door een bepaald prostitutiebeleid worden beïnvloed dan bijvoorbeeld een porno actrice. Een niet onaanzienlijk nadeel is dat deze mensen zich niet herkennen in de term sekswerker. En als ze dat wel doen, dan is dat niet altijd voordelig voor ze. Degenen die zich sekswerker noemen, lopen immers in steeds meer landen het risico dezelfde beperkingen opgelegd te krijgen als prostituees.

Prostitutie

hijoVelen prefereren de term sekswerk boven prostitutie. ‘Prostitutie’ heeft immers een negatieve bijbetekenis gekregen. In overdrachtelijke zin betekent het namelijk dat iemand voor geld zijn principes te grabbel gooit. Daarnaast zien niet allen die de term prostitutie bezigen het ook als werk. Voor de Zweedse feministen die de klantcriminalisering hebben bedacht, is zelfs de term ‘prostituee’ te positief. Zij willen alleen spreken over ‘vrouwen die geprostitueerd worden’. Ze gebruiken de lijdende vorm om aan te geven dat vrouwen er nooit voor kunnen kiezen en dat het daarom ook geen werk is.  [i]

De termen prostitutie en prostituee zijn pas in de negentiende eeuw in zwang gekomen, hoewel ze in Nederland incidenteel in de 17de eeuw werden gebruikt. (De etymologiebank, Van de Pol, 1996) Mogelijk kwam dit doordat in de negentiende eeuw vooral artsen – uit oogpunt van volksgezondheid -onderzoek deden naar prostitutie.[ii]  (Stemvers, 1985)  Het vakjargon van deze artsen bevatte het nodige Latijn. Geïnspireerd door de Romeinse oudheid hanteerde men een geschikte term: prostibulum, de aanduiding voor bordeel en leidde daarvan de naam voor de inwoner van een bordeel af. De term prostitutie had in de klassieke wereld ook de connotatie ‘openlijk’, zich publiekelijk aan ontucht blootstellen. De verwijzing naar ‘openbaar’ is ook terug te vinden in de term publieke vrouw, eveneens een gangbare negentiende eeuwse term.

Publieke vrouwen

Aanvankelijk was een publieke vrouw een vrouw die niet voor slechts één man beschikbaar was, wat wel het geval was met minderjarige dochters, huwbare vrouwen en echtgenoten. [iii] De definitie die de stad Leiden reserveerde voor publieke vrouw luidde: ‘Tegen betaling of om niet aan prostitutie overgeven.’ (Vries, de, 1997)

Er was in feite weinig ‘publieks’ aan deze vrouwen, want de overheid heeft altijd getracht prostitutie in de openbare ruimte, op straat dus, te beperken of te verbieden. Het publieke aan de publieke vrouw was dat de overheid zich geroepen voelde haar aanwezigheid te reguleren.

In andere definities van publieke vrouwen en prostitutie komt de toevoeging voor dat een vrouw om als prostituee bestempeld te worden, hier een gewoonte van moet maken. Dit is een indicatie van wat wij ‘beroepsmatig’ zouden noemen, hoewel het raar is om een beroepsmatige activiteit, bijvoorbeeld schoenlappen, een ‘gewoonte’ te noemen. In Engeland werd de vrouw die aan de eisen van ‘regelmatige ontucht’ voldeed  een  ‘common prostitute’ genoemd. Doordat in al deze definities ‘een gewoonte’ werd beschreven was het idee ‘eens een hoer, altijd een hoer’ geboren. (Walkowitz, 1983) Het was namelijk een gewoonte die men nooit meer zou afleren…

Zonder onderscheid

In veel definities van prostitutie komt de zinsnede ‘overgave aan ontucht zonder onderscheid’ voor. Met dit ‘zonder onderscheid’ bedoelde men dat een prostituee per definitie alle klanten moest accepteren. [iv] De definitie schreef dus haar seksuele gedrag voor. Het niet kunnen weigeren van klanten was een element van de definitie waar prostituees het zelf vaak niet mee eens waren. Daarom liepen ze bijvoorbeeld weg uit het leger van Alva, toen hij in de Lage Landen arriveerde. (Bruine Ploos van Amstel, 1930)

Dit vooroordeel is hardnekkig geweest. Stemvers beschrijft bijvoorbeeld in zijn historische werkje uit de jaren tachtig nog de werksoorten aan de hand van het soort klanten dat de sekswerkers volgens hem moesten accepteren. Nu is het een erkend recht om klanten en seksuele handelingen zonder opgaaf van reden te weigeren. (Zie gedwongen prostitutie).

Betaling

De stad Leiden noemde in de negentiende ook de vrouwen die ‘om niet’ dus onbezoldigd, ontucht pleegden, publieke vrouwen. Met andere woorden men was prostituee, ook als men er niet voor werd betaald. Nog steeds komt in definities van prostitutie de zinsnede voor ‘tegen geld of goederen’. Mensen in andere beroepen zullen ook wel eens een cadeau krijgen, maar zij zullen dat niet hun inkomen noemen. Sekswerk is werk waar gewoon met geld voor moet worden betaald.

Wanneer de kwestie van betaling in natura ter sprake komt ontspoort de discussie vaak. Men verwart dan al snel misbruik of promiscue gedrag van minderjarigen met prostitutie. Zo had de  Amsterdamse GGD rond 2005  het probleem van de breezerseks ontdekt. Er ontstond toen een kortstondige “morele paniek” rond talloze minderjarige meisjes  die in Amsterdam Zuidoost in ruil voor een Breezer of een sim-card seks zouden hebben. Het rapport “Tippelen na de Zone” vormde de aanleiding voor de commotie. (Korf, J., et al., 2005) De Rotterdamse Jongerenraad (2013) heeft het in dit verband over ruilseks. In dat rapport gaat het om ‘duizenden meisjes’, die je eigen zus zouden kunnen zijn, die in kelderboxen werden misbruikt’.

Hoeren

whorepowerHet woord hoer zou afkomstig zijn uit het Middelnederlands waar het als ‘hur’ in samenstellingen voorkwam om alle vormen van ‘ontucht’ aan te duiden. Het woord ‘hoer’ is nog steeds een scheldwoord. Het afgeleide ‘hoerenzoon’ is een populair scheldwoord in vooral het Engelse en Spaanse taalgebied.

De beweging van sekswerkers, en daarmee ook De Rode Draad heeft in de jaren tachtig tot ongeveer de tweede helft van de jaren negentig getracht de term hoer als een geuzennaam te gebruiken: het scheldwoord toe te eigenen als iets om trots op te zijn. Homoseksuelen waren er immers ook in geslaagd van het scheldwoord ‘flikker’ een positieve benaming te maken! Maar met ‘hoer’ lukte dit niet.

Andere benamingen

Het slangwoord temeier is via het jiddisch terug te voeren op ‘temea’ = onrein. Het woord temeier zou uit Amsterdam afkomstig zijn. Het grappig bedoelde ‘meisje van plezier’ is op de populaire klantenwerf sites Kinky.nl en Hookers.nl, vervangen door ‘ dames van plezier’, meestal afgekort tot dvp. ‘Het meisje’ is dus gepromoveerd tot ‘dame’. Nog steeds hebben sommige politiemensen en exploitanten de neiging om over ‘meisjes’ te spreken. Ook bezigen deze beroepsgroepen vaak de term ‘dames’. Maar in welke andere beroepsgroepen worden volwassen werkende vrouwen aangeduid met ‘dame’ of nog erger als ‘meisje’ ?

Bronnen

Sietske Altink


[i] Men weigert het in dit soort gevallen te spreken van prostitutie van mannen

[ii] Op deze site wordt soms  echter wel de term prostituee of prostitutie gebruikt. Dit is gedaan omdat in sommige artikelen de term sekswerker een anachronisme lijkt.

[iii] Een klant van een prostituee werd dus niet een publieke man genoemd.

[iv] W. Acton, 1857, De Duitse jurist W. Mittermaier, 1906 en de historicus I. Bloch, 1912.