Het is altijd moeilijk geweest de verdiensten van sekswerkers te bepalen. Men moet bijvoorbeeld onderscheid maken tussen de prijzen die klanten betalen en het bedrag dat van deze betalingen bij de prostituee terecht komt. Daarnaast moeten sekswerkers altijd afdrachten doen en kosten maken.

Een oude sticker van De Rode Draad maar iemand anders heeft het minimumbedrag ingevuld

Een oude sticker van De Rode Draad maar anderen hebben het minimumbedrag ingevuld.

Een van de weinige historici die aandacht aan verdiensten besteedt, is Van de Pol. (1996). Uit haar beschrijvingen van de gang van zaken in de zeventiende eeuw valt op te maken dat de inkomsten van prostituees (destijds hoeren genoemd) toen al onzeker waren, dat er soms dagen geen klanten kwamen en dat er veel geld aan afdrachten moest worden betaald. Dat was bijvoorbeeld voor ‘kostgeld’,  bij inwonende prostituees of ‘de helft van de omzet’, wat toen al ‘op het halfje zitten’ heette. Deze uitdrukking bleef gangbaar tot ver in de twintigste eeuw. Degenen die op het halfje zaten moesten ook nog andere faciliteerders, zoals beschermers betalen. Daarnaast verlangden diverse lieden fooien, bijvoorbeeld bij een ‘uithaalseltje’, wanneer er ten gevolge van onverwachte klandizie een vrouw uit een ander bordeel moest worden gehaald. Ook was het niet altijd duidelijk wat het aandeel van de drankomzet in de verdiensten was.

De mythe dat sekswerkers ‘goud geld’ kunnen verdienen, zou ontstaan zijn na de moord op de Haagse prostituee Blonde Dolly (1959). Tijdens het onderzoek naar de moord werden hoge bedragen aan cash geld en dure spullen aangetroffen. (Stemvers, 1985). Volgens de geruchten had ze dat verworven door middel van chantage van haar klanten.

De enige periode waarin in Nederland prostituees goed verdiend zouden hebben, waren de jaren zestig en zeventig van de twintigste eeuw. De welvaart nam toen toe en de gastarbeiders die hun gezinnen nog niet hadden laten overkomen, vormden nieuwe klandizie. De seksuele moraal werd losser en hoerenlopen leek minder een taboe te zijn. De arts Groothuyse (1970) beschrijft vrouwen die bakken geld verdienden maar het ook grif uitgaven aan bijvoorbeeld hun partners. Ook vrouwen die in die periode werkten, verhalen van hoge verdiensten en veel klandizie. ‘In de jaren vijftig hadden mannen niet zoveel gelegenheid losse vrouwen te ontmoeten. Ze woonden vaak bij een hospita’, zei een vrouw in 1991 tegen mij tijdens een interview. En een vrouw die nu kamerverhuurster is wist in 2011 te vertellen dat ze toen ze nog zelf werkte regelmatig 14 klanten per dag had, een schril contrast met de soms klantloze dagen van haar huursters in 2011. Hoewel sekswerkers in de jaren zeventig al belastingplichtig waren, bijvoorbeeld op grond van de wetgeving van de invoering van de BTW in 1969, maakte men weinig werk van het innen van dat geld. De verdiensten waren dus grotendeels zwart.

Wanneer precies de verdiensten minder zijn geworden valt moeilijk te zeggen, zoals het evenmin eenvoudig is om daar een oorzaak voor aan te geven. Wel weten we dat er in de jaren tachtig veel migranten op de markt kwamen, die volgens vele sekswerkers de concurrentie hebben doen toenemen. Maar er worden ook andere oorzaken genoemd zoals de toename van het girale betaalverkeer, waardoor het voor mannen moeilijker werd bepaalde uitgaven voor hun partner onzichtbaar te houden.

In 1989 is een schatting gemaakt van de verdiensten. (Vanwesenbeeck et al). Volgens de onderzoekers lagen de inkomsten iets hoger dan wat toen als modaal werd beschouwd: het gemiddelde inkomen van een sekswerker was 38,50 gulden bruto. Een vrouw gaf daarop in 1991 het volgende commentaar (Altink 1995):

Dat gemiddelde van 40 gulden bruto vind ik heel redelijk geschat, misschien zelfs te hoog. Ik kan rustig zeggen dat ik altijd top heb gedraaid, maar als ik de uren die ik heb gewerkt optel, en de reiskosten aftrek, dan kom ik niet gek veel hoger. Men denkt dat je als hoer astronomische bedragen kunt verdienen, maar dat is helemaal niet zo. Ik verdien best een aardige boterham. Af en toe heb je een uitschieter, maar over het algemeen is mijn inkomen modaal. Bovendien hebben wij in de loop van de jaren een aparte wereld gecreëerd waarin je een gouden dit, een dure dat en het juiste klokkie moet hebben. Maar je onbetaalde rekeningen plak je niet op je voorhoofd. Het is een schande in de wereld als je je vreten niet verdient. Alleen al om de schijn op te houden bel je een taxi om een broodje shoarma voor je te halen. Je persoonlijkheid staat of valt met je verdiensten. Dat is in het algemeen zo, maar in de prostitutie is het heel erg. Je wilt toch niet dat mensen gaan vragen, waarom speel je dan de hoer? Niet iedere ‘Beppie’ wil ervoor uitkomen dat ze het een leuk beroep vindt, want dan is ze meteen een vieze nymfo.’

Tot een vergelijkbare conclusie kwam Meulenbelt (1993) en voegde eraan toe dat de verdiensten in de raam- en de straatprostitutie niet veel minder waren dan die in de clubs. In clubs en escortbureaus moesten de vrouwen immers hoge afdrachten doen. Enkele jaren later voegden Slot en Kruizer (1999) eraan toe dat er op de prijzen in de raamprostitutie al jarenlang geen inflatiecorrectie was toegepast.

Bij de eerste evaluatie van de effecten van de opheffing van het bordeelverbod  (Vanswesenbeeck en Venicz, 2000) kwam de kwestie ook ter sprake. De onderzoekers vroegen echter vooral naar de mate van tevredenheid met de verdiensten. Tijdens de evaluatie van 2006 (Regioplan), ontdekten de onderzoekers veel weerstand wanneer sekswerkers die vraag moesten beantwoorden.

Andere onderzoekers hebben vergelijkbare ervaringen. (Van Wijk, 2010, Regioplan, 2006 en Amesberger 2012). Zij wijten dit aan het feit dat sekswerkers bang zijn dat de belastingdienst deze informatie tegen hen zal gebruiken. Dat is echter onwaarschijnlijk, want de respondenten zijn anoniem. Maar dit zou ook een andere reden kunnen hebben. Het is namelijk moeilijk om toe te geven dat in zo’n gestigmatiseerd beroep de verdiensten teleurstellend laag zijn. Mogelijk zijn sekswerkers om dezelfde reden niet snel bereid om een dagomzet om te rekenen naar het aantal gewerkte uren. Dat komt bijvoorbeeld naar voren in het volgende voorval:

“Ik heb gisteren 200 euro verdiend”, zo kwam een vrouw in 2008 opgetogen het kantoor van De Rode Draad binnenstormen. ‘In hoeveel uur?” zo luidde de wedervraag. ‘Een uurtje maar”. En hoe lang heb je op die klant zitten wachten? En heb je de dag ervoor een klant gehad? Nou nee.”

Sekswerkers zijn er niet aan gewend het wachten op de klant als werktijd te rekenen. Vooral in clubs en privé-huizen bestaat het werk maar voor een betrekkelijk klein gedeelte uit het leveren van seksuele dienstverlening. De meeste tijd zitten ze te wachten. Voor die tijd krijgen ze niet uitbetaald.

Niettemin heeft De Rode Draad in 2008 een rondvraag gehouden bij vrouwen met wie zij vaak contact had over verdiensten per uur. Deze gegevens zijn enigszins verouderd. Op het deel van de website Kinky.nl waar sekswerkers met elkaar discussiëren werd dit document ook besproken. De meeste participanten vonden de cijfers nog wel opgaan, behalve voor Groningen waar de prijzen na 2008 zijn verhoogd.

In 2011 stelt De Rode Draad de verdienstenkwestie weer aan de orde en geeft het resultaat weer in verdiensten per uur in het trendrapport. (Trendrapport 2011)

De relevante passage uit dit Trendrapport:

Het afnemen van het aantal clubs in het legale circuit  heeft wel degelijk te maken met het gebrek aan klandizie, waardoor de club niet meer rendabel is. De belangstelling van vrouwen om er te gaan werken neemt vervolgens af. Zo belanden veel bedrijven in een vicieuze cirkel: geen klandizie, geen vrouwen. In één massagesalon waren er op de dag dat de veldwerkers langskwamen slechts drie klanten geweest. Een voorheen populaire club werd in het weekend gemeden door klanten. Een van de vrouwen vertelde dat ze steeds maar zat te wachten in de club, omdat er helaas niet zoveel klanten komen de laatste tijd. De klanten die wel komen zeuren volgens haar altijd ontzettend over de prijs, ze willen maar €50 betalen voor een half uur.’ Veel sekswerkers lossen dit op door hun klanten via internet te werven en ze op de afgesproken tijd in de club of het privéhuis te ontvangen. Dat wordt  overigens moeilijk in een club die niet met de tijd is meegegaan.

Op internet is er geen aanwijzing dat er nog activiteiten zijn. Ze zeggen alleen te adverteren in de krant. We werden door de eigenaresse  binnengelaten en er zaten vier vrouwen in de woonkamer. Later zagen we nog een vrouw in de gang (ze kwam net binnen of ging net weg). Ze waren rond de 40, 50 jaar en heetten ons hartelijk welkom. De club maakte een vervallen indruk. Er kwamen niet veel klanten meer, zo werd ons verteld, en onze komst doorbrak de verveling.

Een van de vrouwen gaf aan lange dagen te maken voor slechts 200 euro bruto per week. In een andere stad met een paar clubs, geven de vrouwen aan minimaal zes dagen per week te moeten werken om ervan te kunnen leven.

Het prijspeil is ook niet noemenswaardig verhoogd. In bedrijf één moet een klant voor een oraal contact € 15 extra betalen, waarvan € 7,50 voor de vrouw was.

In 2012 wordt er door Sietske Altink veldwerk verricht voor het  Internationaal Vergelijkend Onderzoek Prostitutiebeleid Nederland en Oostenrijk. (Wagenaar en Altink). Tevens voorzag een sekswerker die bij het onderzoek was betrokken de researchers van informatie in dagboekvorm over de dagelijkse gang van zaken.

Ook in dit onderzoek werden de respondenten gevraagd wanneer ze voor het laatst een klantloze dag hebben gehad. Twee van de ondervraagde vrouwen beurden 100 euro bruto op een werkdag van twaalf uur. Een derde verdiende 150 euro en een ander nam soms 25 euro per dag mee naar huis. Dertien vrouwen hadden dagen zonder klant meegemaakt, Van de zes die dat bespaard was gebleven waren er twee pas kort voor het interview met het werk begonnen.

‘Nieuw’ zijn is ook niet meer als vroeger een garantie voor betere verdiensten, zoals een van de respondenten moest ervaren. Haar eerste dag had ze niet één klant. ‘Dan zit je dan, mooi te zijn in je lingerie en niemand kiest jou.Een van de respondenten die in een privéhuis werkte had gemiddeld zeven klanten per dag, maar de anderen moesten het stellen met een tot drie.

Op de Wallen zei een vrouw dat ze op een goede dag hooguit 350 euro kon verdienen. Maar dat gold alleen voor een goede dag, die overigens twaalf uur duurde. Als ze geen goede dag had moest ze toch nog 220 euro voor de raamhuur neerleggen. Haar collega had 7-8 klanten per werkdag. Ze werkte overdag. Haar buurvrouwen kregen overdag hoogstens drie klanten.

In haar eigen woorden: Ik was van plan veel te verdienen, maar ik raakte teleurgesteld. Het eerste half jaar kon ik rekenen op 1400 per maand, maar nu is het stukken minder. De eerste paar maanden kwamen dagelijks wel 16 klanten voor mijn raam staan, maar nu blijven ze om de een of andere reden weg. Ik werk hier om mijn huis te kunnen betalen. Ik heb daarnaast nog een studiebeurs. En wat ik overhoud is voor extraatjes.

 Uit het dagboek van de sekswerker die bij het onderzoek was betrokken:

Vandaag moesten we maar accepteren dat er maar vijf klanten naar het bedrijf kwamen waar wij werken. We hebben met z’n drieën van 12.00 tot 22.00 uur op ze gewacht.

Eerst kwamen er een paar klanten, maar nadat wij allemaal per persoon twee klanten hadden gehad, bleef het stil. Ikzelf kreeg die dag geen klanten meer. De dag daarop ging ik met 35 euro naar huis waarvoor ik acht uur heb moeten werken. Een collega verdiende helemaal niets en de twee anderen hadden elk maar twee klanten.  …

Vandaag is het stil en ik zal wel niets verdienen, net als mijn collega die uren onderweg naar hier is geweest.

Ik werk nu ergens anders. Met ons drieën hadden we in totaal 14 klanten.

Vandaag kreeg ik de afrekening. Ik heb zes dagen van elf uur gemaakt. Dat leverde me alles bij elkaar 350 euro op. Oh nee, hé, dat betekent dat het me maar 6,50 euro per uur opleverde. Deze zaak is ook op zondag open. Vorige zondag kwamen er vijf klanten. Gelukkig duurt een zondag hier maar vijf uur. …Dus ik werk hier minder uren voor geen geld in plaats van veel uren voor geen geld, Ik had namelijk niet één klant.

Deze week had ik twee dagen lang geen klanten gehad. Het is hier normaal om de hele dag te zitten wachten op een of twee klanten.

Ik probeer het nu achter het raam. Ik had zelf wel een paar klanten, maar mijn buurvrouw had niet één klant. Mijn andere drie collega’s hadden acht klanten, die soms maar 30 euro betaalden. En daar moeten ze nog BTW over betalen. En dan komt de raamhuur er nog bij. Ik ben niet optimistisch meer. Ik huur nu illegaal een kamertje en heb op één dag 330 euro verdiend.

Een van de respondenten wilde nog kwijt dat het gebrek aan klanten vooral in het weekend belastend is omdat er dan meer vrouwen dan door de week werken.

Sietske Altink

Lees meer over verdiensten in het verleden.

Bronnen