Vanaf 2000 doet Rotterdam haar best de doelstellingen van de wetswijziging van 2000 te realiseren. Dit zijn:

  • Beheersen en reguleren van de prostitutiebranche
  • Tegengaan van onvrijwillige prostitutie
  • Bescherming van de positie van de prostituee
  • Ontvlechting criminaliteit en prostitutie
  • Tegengaan van het werken van minderjarigen in de prostitutie
  • Tegengaan van het werken van illegalen in de prostitutie

Beheersen en reguleren prostitutiebranche

Het begrip overlastbestrijding beheerste tot de sluiting van de tippelzone het prostitutiedebat in Rotterdam. In de jaren zeventig werd geopperd om een Eroscentrum te stichten om de overlast van prostitutie te concentreren. Dit ketste af op het toenmalige artikel 250  bis Wetboek van Strafrecht, in de wandeling het bordeelverbod genoemd. Uit Rotterdam kwam toen al een voorstel om dit artikel te schrappen. [vii]

In de jaren daarna richtte de discussie zich op de overlast van de combinatie van drugs en (straat) prostitutie. Tegenwoordig zijn de klachten over overlast van prostitutie schaars. In Blik op Nieuw staat bijvoorbeeld op 22 januari 2007 dat bewoners hadden geklaagd over overlast van mannen die op de Nieuwe Binnenweg op zoek waren naar sekswerkers. Bij het verlenen van de vergunning voor seksinrichting van de erotische massagesalon Salon 93, waren de bewoners onaangenaam verrast. (AD 1-12-2005)

Betere bestrijding exploitatie onvrijwillige prostitutie

In hoeverre een stedelijk bestuur succesvol is in het bestrijden van prostitutie onder dwang valt moeilijk te meten. Een vergelijking met het verleden kan echter een indicatie geven. Er hebben altijd wel vrouwenhandelzaken in Nederland en in de regio Rotterdam gespeeld, maar in de periode van 1987 tot 1997 was Rotterdam de basis voor twee op grote schaal opererende bendes van mensenhandelaren.

Jan Bik in Rotterdam

Jan Bik in Rotterdam

De eerste bende werd geleid door oudere Dominicaanse vrouwen die door middel van een vorm van identiteitsfraude naar schatting honderd vrouwen onder dwang in de prostitutie brachten. [viii] De tweede was de voor internationale ophef zorgende Bende van de Miljardair, genoemd naar een inmiddels gesloten seksclub in Rotterdam. Deze bende is uitvoerig beschreven. De publicatie die het meeste stof deed opwaaien was Ze zijn zo lief meneer van de Belgische journalist Chris de Stoop.[ix] Dit boek is in het Engels vertaald en leidde tot de BBC documentaire The Women Trade. Deze bende zou honderden vrouwen uit Thailand en later uit Oost-Europa in diverse clubs in Rotterdam en België aan het werk hebben gezet. Pas in 1997 zijn enkele kopstukken van deze bende veroordeeld. Enkele clubs van deze bende zijn gesloten of werden later overgenomen door de landelijke exploitant Jos van der Meer. De laatste verdween in 2008 definitief van het toneel. (Vrij Nederland 5 juli 2008).

Daarnaast speelde nog een kleinere zaak met betrekking tot een exploitant die vrouwen uit Thailand haalde. Zijn vergunningen zijn ingetrokken. De cijfers van Comensha over de regio Rotterdam zijn opgeteld bij de regio Haaglanden, omdat we vermoedden dat er veel overloop was tussen de steden en dat vrouwen in de twee steden of in de buurt van de twee steden werden opgevangen.

In Rotterdam konden organisaties die veldwerk verrichtten (GGD, PMW en De Rode Draad) in overleg besluiten een gezamenlijke rapportage over misstanden bij een bepaald bedrijf bij de gemeente neer te leggen. Dit leidde mede tot maatregelen tegen bepaalde bedrijven.

Bescherming van de positie van de sekswerker

De GGD is actief in de bedrijven en vaccineerde tegen hepatitis B. Dit gebeurde ook in de animeerbars. De GGD heeft ooit een imago-onderzoek laten verrichten onder alle betrokkenen (andere organisaties en sekswerkers) dat gunstig voor deze instelling uitviel.

Wat de vrijheid van keuze van klanten en handelingen betreft waren er vragen over bijvoorbeeld Hotel California waar de klant naar de vrouw werd gestuurd die al op de kamer lag. Dit betekende dat de exploitant bepaalde – en niet zijzelf- wie haar klant was. Acties als ‘alles mag in een bepaalde tijdseenheid’ wekken niet de indruk dat een vrouw bepaalde handelingen kan weigeren. Ook acties waarbij klanten zegeltjes of stempels kunnen vergaren voor een ‘gratis’ bezoek, kunnen tot onvrijheden leiden.Vanaf 1996 tot 2001 waren er klachten over Hotel California dat er van de vrouwen werd verwacht dat ze intiem zonder condoom boden. (Bron: Digitaal archief Rode Draad notulen signaleringsoverleg oktober1996), GGD en het stond expliciet op Hookers.nl. De Rode Draad heeft in 2001 daar een klacht over ingediend bij de arbeidsinspectie. Die nam de klacht niet in behandeling omdat er al een strafrechtelijk onderzoek tegen dit bedrijf liep. Inderdaad is het bedrijf in dit jaar geruime tijd gesloten geweest.

Een knelpunt vormt de keuzemogelijkheid voor sekswerkers. Het aantal legale werkplekken is in Rotterdam beperkt. Het Verwey Jonker instituut deed in zijn eindrapportage de aanbeveling het aantal beschikbare vergunningen te verhogen. Via de organisaties die veldwerk verrichten zijn sekswerkers in Rotterdam geconsulteerd ten aanzien van hun wensen voor werkplekken. Daaruit kwam dat sekswerkers bij voorkeur zelfstandig werken en veel waarde hechten aan anonimiteit.

Afhankelijkheid van de exploitant

De Rode Draad kreeg enkele meldingen gehad dat vrouwen voor woonruimte van de exploitant afhankelijk waren. Dit speelde bij enkele Thaise salons en in een bedrijf dat inmiddels wegens mensenhandel gesloten. Een van de vrouwen in dit bedrijf vertelde de medewerkers van De Rode Draad in 2007 dat ze graag elders wou werken maar dan haar woonruimte kwijt zou raken.

Prijzen en verdiensten

Een hoog prijspeil is niet altijd een garantie voor goede verdiensten. Die hangen ook af van het aantal klanten binnen een gewerkte tijdseenheid. Volgens De Rode Draad waren de verdiensten in sommige Thaise huizen heel erg slecht door een combinatie van laag prijspeil en een gering aantal klanten per dag. (Uitbuiting in Thaise massagesalons, 2008) Tijdens veldwerk in de animeerbars werden er nauwelijks klanten gesignaleerd.

Maatschappelijke positie

Een gemeente kan zich niet direct mengen in de arbeidsrelaties in bedrijven, die volgens bijvoorbeeld De Rode Draad niet beter of slechter waren dan elders in het land. [x] Een gemeente kan wel toezien op een goede uitvoering van bijvoorbeeld de Bijstandswet voor die prostituees die onder meer door de slechte arbeidsrelaties tussen de wal en het schip vielen. In 2005 heeft de gemeente ervoor gezorgd dat prostituees dezelfde behandeling krijgen als andere bijstandsgerechtigden in dezelfde situatie.

PMW heeft de opdracht gekregen om voor de gemeente een met RUPS gelden gefinancierd project voor carrièreverandering uit te voeren. 124 vrouwen zaten in het programma. Daarvan waren er 74 slachtoffer van mensenhandel. 50 vrouwen die ooit vrijwillig in de prostitutie waren gegaan participeerden in dit project. 25 procent en 30 procent van de mannen had (gedeeltelijk) betaald werk verkregen. (Bron PMW)

Tegengaan van het werken van minderjarigen in de prostitutie

In Rotterdam werden in de legale seksbedrijven in 2010-2012 geen minderjarigen aangetroffen. In 2006 is de ketenregie aanpak jeugdprostitutie door het Integraal Toezicht Jeugdzaken overgedragen aan de GGD. In 2004 kwamen er bij PMW 7 meldingen van jeugdprostitutie binnen, in 2005 waren dat er 50 en in 2006, 108. Het is niet bekend of deze sekswerkers afkomstig uit de stad Rotterdam of uit de regio Rijnmond waren. Bij een vermoeden van jeugdprostitutie werd PMW ingeschakeld. De jeugdprostituees die in de hulpverlening bij hen terecht kwamen waren gemiddeld 19 jaar. (In verband met hulpverlening is de leeftijd voor jeugdprostitutie opgetrokken naar 23, de limiet voor hulpverlening aan jeugdigen. Bron: Actieprogramma Jeugdprostitutie 2007-2010, GGD Rotterdam Rijnmond, Cluster PGZ, mei 2007).

Bij PMW had men gemiddeld tien keer per jaar te maken met minderjarigen in de prostitutie. Hierbij moest wel de aantekening worden gemaakt dat sommige cliënten als minderjarige in de prostitutie te zijn terechtgekomen.[xi]

Ontvlechting criminaliteit en prostitutie

De politie noemt ID fraude en mensensmokkel als een vorm van criminaliteit die in de Rotterdamse prostitutie voorkomt. Wat de criminaliteit anders dan mensenhandel betreft, werd in 2008 de club van Jan Bik tijdelijk gesloten in verband met geweldsincidenten en was er in het Scheepvaartkwartier een steekpartij. (18-01-2008 AD en Politie-alarmeringen 2 februari 2010)

Tegengaan prostitutie van illegalen

In het vergunde circuit werden in 2010-2012 nauwelijks of geen sekswerkers van buiten de Europese Unie aangetroffen. We wisten niet of zij in de animeerbars of via internet klanten organiseerden. Het is overigens niet verboden om zonder een werkvergunning in een bar te zitten.

 Handhaving

In Rotterdam is de afdeling Veiligheid verantwoordelijk voor het prostitutie- en vergunningenbeleid en de handhaving daarvan. De GGD neemt het zorgaspect en het welzijn voor haar rekening. (Tot 2005 was Sociale Zaken hierbij betrokken. Daarin was Rotterdam betrekkelijk uniek; het gaf aan dat prostitutie om werk ging. Later is het zorgaspect overgenomen door de GGD). De politie voert voor de gemeente de controles uit. Daarnaast heeft de politie een opsporingstaak.

In Rotterdam is de controle en het toezicht bij de vreemdelingendienst ondergebracht omdat veel migranten als sekswerker in Rotterdam werken en dat er migrantencriminaliteit kan spelen zoals ID fraude en mensensmokkel.

De politie hierover

Voor het onderdeel opsporing maken zedenrechercheurs onderdeel uit van de controleteams. Alle teamleden, en niet alleen de zedenrechercheurs zijn op mensenhandel gecertificeerd. We doen controles in Rotterdam. We moeten er zes per jaar doen en dat halen we ruim. We doen dat samen met ‘horeca’, waar ze ook opgeleid zijn om signalen van mensenhandel te herkennen. Voor zover ik weet is Rotterdam de enige stad die de controles samen met de horeca doet. Straks met de registratie moeten we digitaal aan de slag. We doen niet alleen controles maar we zijn ook de toezichthouders. (Gemeente Rotterdam heeft het toezicht houden naar de politie gedelegeerd.) De toezichttaak voeren we namens de gemeente uit. [vi]

Rotterdam kent een geïntegreerde aanpak, met andere woorden, een ketenaanpak in verband met mensenhandel. In 2005 is men begonnen met een ketenaanpak voor loverboys en in 2009 heeft men een convenant gesloten om mensenhandel in een keten aan te pakken. In dit jaar won Rotterdam de ketentrofee.