Tussentijdse Evaluatie 2010

In maart 2010 vond een tussentijds evaluatiegesprek plaats met de Belastingdienst, de Rode Draad, twee sekswerkers, twee hulpverleningsinstellingen en SoaAids nl. over de opting-in regeling, de wijze van belastingheffing die in 2007 was ingevoerd na het vastlopen van de discussie over zelfstandig ondernemerschap versus loondienst. Om de rechten van sekswerkers veilig te stellen was er een voorwaardenpakket samengesteld, waarin bijvoorbeeld het recht op vrije klantenkeuze was vastgelegd.

Het gesprek betrof de problemen die zich in de praktijk hadden voorgedaan en eventuele punten waarop bijsturing was gewenst. Volgens de

Informatiemap voor de prostitutiebranche

belastingdienst deed op dat moment bijna 90 procent van de vergunde exploitanten mee aan de opting-in regeling. Tachtig procent van de bedrijven werkte met het voorwaardenpakket. Bij 10 procent was sprake van loondienst. Vijf tot tien procent van de bedrijven had geen keuze gemaakt. Van de kant van de exploitanten zou tevredenheid bestaan over de regeling omdat hierdoor rust was gecreeerd.

Het onderstaande verslag en de citaten zijn gebaseerd op de aantekeningen van een van de deelnemers aan het gesprek.

Naleving voorwaardenpakket

Iedereen is het erover eens dat het voorwaardenpakket op zich een goede zaak is, mits het wordt nageleefd. Een voordeel is ook dat er geen boekhouders meer nodig zijn. De hulpverleners merken op dat veel van hun clienten tevreden over de opting-in zijn. Het probleem is dat exploitanten het voorwaardenpakket niet (goed) naleven en dat hierop ook geen controle plaatsvindt. De aanwezige sekswerkers hadden daarnaastde volgende klachten:

“Je ziet de poster nooit meer hangen. Je bent niet in een positie om je eisen op papier te zetten. Klanten weigeren is een probleem. Ze willen meedelen in de extra’s op de kamers en er zijn zelfs kledingvoorschriften. Je wordt gedwongen om te frauderen, je krijgt geen afschriften, of dagstaten en maandstaten kloppen niet.

“De ondernemer bepaalt wat de omzet is. Je krijgt denkbeeldige loonstrookjes en je weet niet waar je aan toe bent. Vroeger zei men bij kritiek: ‘Daar is het gat van de deur.’ Dat heet nu anders: ‘Dan beëindigen we de samenwerking.’”

“Ze sjoemelen door met de betaling te sjoemelen en ze houden zich niet aan de voorwaarden.”

“Je krijgt de administratie niet altijd mee. Die moet vaak binnen het bedrijf blijven. Ze zijn heel druk bezig geweest met de opting-in maar vooral met het frauderen.”

 “Soms word je gedwongen om niet te werken. Dat is wanneer ze acties hebben met voordeeltjes voor de klanten. Je komt er niet in als ze zo’n actie doen en je daar niet aan mee wilt doen. “

De belastingdienst merkt op dat er meer handhaving gaat komen en dat zij overeenkomsten gaat opzeggen als de voorwaarden niet worden nageleefd. Met een aantal bedrijven zou dit naar aanleiding van meldingen al zijn gebeurd. Tegelijk wordt opgemerkt dat de belastingdienst een beperkte capaciteit heeft en dat loondienst geen sanctie kan zijn: het gaat om feiten en omstandigheden. Wel zijn er boetes opgelegd. Echte zelfstandigheid heeft de Belastingdienst echter nergens aangetroffen. Bij de vergunningverlening letten gemeenten niet op de naleving van het voorwaardenpakket, met uitzondering van Amsterdam.

Voorlichting

Hoewel de Belastingdienst stelt alle betrokken exploitanten persoonlijk voorgelicht te hebben, vinden de sekswerkers dat de informatie niet altijd bij hen is terechtgekomen.

“De exploitanten informeren de vrouwen niet.”

“Er zijn wel folders voor de prostituees geweest maar die zijn niet vertaald, terwijl 60 tot 70 procent van de vrouwen buitenlands is. Er valt geen geld te regelen voor vertalingen.”

Zelfstandigheid en gebrek aan keuze

De sekswerkers vinden het een vorm van verkapte loondienst omdat de exploitant een deel van de omzet krijgt: In de praktijk dragen sekswerkers vaak zoals vanouds de helft van de omzet af.

“Het is eigenlijk het oude fifty-fifty systeem dat een andere naam heeft gekregen”.

Alle aanwezigen zijn het erover eens dat het zelfstandig kunnen werken in de prostitutie nog ver te zoeken is (m.u.v. de raamprostitutie). De feitelijke zelfstandigheid is discutabel of hetzelfde gebleven:

“De exploitant zit er steeds tussen en kan de prostituee chanteren met extra’s. De exploitant kan zeggen ‘je doet dit en dat wel met die klant, dus dan kun je het ook met die andere klant’. Ook worden adressen doorgegeven.“

“De gezagsverhouding blijft bestaan. Vrouwen moeten weten wat hun rechten zijn. Er zijn weinig klanten. “

De sekswerkers hebben niet zelf voor de opting-in gekozen. De exploitant sluit de opting-in overeenkomst met de Belastingdienst. De exploitanten weigeren loondienst en de belastingdienst weigert arbeid als zelfstandige:

“Er is nooit goede voorlichting geweest over het zelfstandig ondernemerschap. In de discussie over arbeidsrelaties hadden de sekswerkers niets in te brengen. Ze mochten hun mond opendoen, maar daar bleef het bij. De exploitanten waren alleen maar geïnteresseerd in de vraag hoe ze konden voorkomen dat ze als werkgever werden gezien.”

 “Prostituees wennen aan belasting betalen. Maar dan moet het wel netjes gaan. Je zou meer keuze moeten hebben. Het zelfstandig werken wordt door de gemeente tegengehouden.”

 “In iedere branche zijn er mensen die baat hebben bij loondienst. Maar de exploitanten willen geen werkgever zijn.”

“De machtspositie is het probleem. Het arbeidsrecht gaat uit van een iets evenwichtigere verhouding. Vrouwen gaan het niet redden om via de rechter loondienst op te gaan eisen.“

“Vrouwen mogen nergens anders werken. Vanuit je eigen huis is moeilijk.”

Als alternatief wordt de coöperatie Kerasos genoemd. De vrouwen werken hier elders in clubs of privéhuizen maar zijn in loondienst bij Kerasos. De sekswerker stort haar gemaakte omzet op rekening van de coöperatie, waarover de coöperatie vervolgens inkomstenbelasting en de premies sociale zekerheid afdraagt. Dit wordt echter tegengewerkt door de belastingdienst. [i] Opgemerkt wordt dat bepaalde gemeenten wel meer open gaan staan voor het idee van coöperaties.

Vlucht uit het vergunde circuit

Veel sekswerkers zijn uit het vergunde circuit zijn gestapt:

“Veel mensen zijn uit de vergunde prostitutie gestapt. Ze werken thuis en in hotels. Dat geldt ook voor de jongens.”

“De legalisering is alleen positief geweest voor de Belastingdienst en de exploitanten. “

 “Veel vrouwen hebben de wijk genomen toen de legalisering doorging.”

“In sommige bedrijven bleven maar twee vrouwen over.“

“Toen liepen ze weg omdat ze niet meer zwart konden werken. Nu is belasting betalen wel geaccepteerd maar is de vraag: kun je in prettige omstandigheden werken? Voor de legalisering had je de 50/50 regeling en was er grote bemoeienis met het werk. Toen kwam loondienst ter sprake en ging men het over kamerhuur hebben.”

Privacybescherming

Tenslotte wordt nog opgemerkt dat de werkgever/exploitant ook kan zien bij welke instellingen en bedrijven een sekswerker nog meer werkt.

Naschrift: In 2014 wordt de opting-in regeling opnieuw geevalueerd. Sekswerkers waren nauwelijks bij deze laatste ronde betrokken. Daarom maakten enkele deelnemers aan het Platform Swexpertise een eigen evaluatie. Deze is hier te downloaden.

Hieronder slechts de conclusies en samenvatting van het hoofdstuk: Ervaringen uit de praktijk:

Samenvatting en conclusies interviews

Hoewel er op de uitvoering van het opting-in systeem het een en ander valt aan te merken, is het merendeel van de respondenten binnen dit onderzoek tevreden over haar huidige arbeidspositie. Daar is een aantal redenen voor.

Ten eerste is de kennis van het arbeidsrecht van de meeste sekswerkers heel erg beperkt. In deze zin verschillen ze niet veel van de gemiddelde werknemer, maar voor andere beroepsgroepen bestaan er vakbonden die de rechten van werknemers collectief verdedigen. Van de beperkte kennis die de sekswerkers hebben, bestaat een groot gedeelte uit informatie die de exploitant heeft overgedragen. Aangezien exploitanten en sekswerkers in sommige gevallen botsende belangen hebben, bevat deze informatie vaak niet de voor sekswerkers meest voordelige uitleg van de arbeidsverhoudingen in de sector.

Op de tweede plaats vinden prostituees het prettig niet meer verantwoordelijk te zijn voor hun eigen administratie. Er gaat dus geen vrije tijd in werk gaat zitten en men weet zeker dat alles goed geregeld is bij de belastingdienst en er geen risico bestaat op een naheffing.

Een derde reden is dat een groot gedeelte van de prostituees geen behoefte heeft of denkt te hebben aan een vangnet in geval van arbeidsongeschiktheid of ziekte. Vooral de jongere respondenten geven aan dat ze nooit dergelijke problemen hebben en dat ze liever hun eigen zaken regelen. Naarmate de prostituee ouder wordt is er een verschuiving merkbaar, de respondenten van 35+ realiseerden zich wel het belang van dergelijke bescherming. Aangezien vooral in clubs relatief veel vrouwen van 40+ werken, is dit waarschijnlijk dus ook een sector waar meer behoefte bestaat aan sociale zekerheid dan in andere sectoren van de prostitutiebranche.

Veel respondenten geven aan dat de sfeer op de werkvloer een van de belangrijkste voorwaarden is voor een goede arbeidspositie. Daarnaast geven alle respondenten aan het uitermate belangrijk te vinden om zelfstandig te zijn in het vervullen van hun werkzaamheden. De (schijn)zelfstandigheid van opting-in wordt door vrijwel alle respondenten verkozen boven de (veronderstelde) grotere mate van onvrijheid waarmee het werken in loondienst gepaard gaat. Het is echter de vraag of er een groot verschil bestaat tussen de mate van zelfstandigheid of onzelfstandigheid van beide systemen wanneer het voorwaardenpakket niet nageleefd wordt.

Opmerkelijk is dat veel van de respondenten die tevreden zijn over hun arbeidspositie bij de exploitant waar ze werkten op het moment van het interview, aanmerkelijk minder positief zijn over hun positie bij exploitanten waar ze in het verleden gewerkt hebben. Ook de respondenten die aangesloten zijn bij ‘de Coöperatie’ zijn aanmerkelijk negatiever over opting-in. Het kan niet uitgesloten worden dat men ‘gekleurde’ antwoorden heeft gegeven over de huidige werkplek om de exploitant niet tegen zich in het harnas te jagen.

Dat het merendeel van de respondenten tevreden is over haar arbeidspositie betekent niet dat er geen kritiek was op het opting-in systeem. Deze kritiek kan onderverdeeld worden in twee categoriën. Enerzijds zijn er respondenten die problemen hebben met hoeveel belasting er afgedragen moet worden. Deze groep zou liever als zelfstandige werken, zodat ze zelf de controle hebben over hun belastingaangifte en gebruik kunnen maken van aftrekposten. Daarbij moet worden opgemerkt dat veel prostituees die de belastingdruk nu als onredelijk zwaar ervaren gewend waren om geheel of voor deel zwart te werken. Daarnaast geven veel respondenten ook aan dat de inkomsten de laatste jaren spectaculair gedaald zijn.[x] Anderzijds is het wel belangrijk om er rekening mee te houden dat veel prostituees het idee hebben dat zij er door de legalisering alleen maar op achteruit gegaan zijn, omdat ze nu wel belasting betalen maar nog steeds gestigmatiseerd worden en niet dezelfde rechten hebben als andere werknemers. Er bestaat geen direct verband tussen belastingbetaling en stigmatisering en belastingbetaling verschaft geen recht op sociale voorzieningen, maar het is wel belangrijk om te bedenken dat de invoering van het opting-in systeem vooral een fiscaal probleem heeft opgelost, maar dat er op andere gebieden nog veel verbeterd kan worden.

Hoewel er onder de respondenten geen consensus bestaat met betrekking tot dit punt zijn er wel respondenten die behoefte hebben aan een vangnet in geval van ziekte, zwangerschap en arbeidsongeschiktheid. Dat betekent echter niet dat zij in loondienst willen werken. Een aantal respondenten geeft aan dat er behoefte bestaat aan een arbeidsongeschiktheidsverzekering. Vooralsnog staan deze echter vaak niet open voor de beroepsgroep, omdat verzekeraars huiverig zijn om sekswerkers een verzekering te bieden. Via de Coöperatie is het wel mogelijk om een arbeidsongeschiktheidsverzekering af te sluiten. Dit toont aan dat door middel van organisatie en een centrale vertegenwoordiging meer bereikt kan worden.

Tekst: Marjan Wijers & Leontine Bijleveld m.m.v. Sietske Altink en Elise Ketelaars

@ Platform Posititieverbetering Prostituees & Vereniging Vrouw en Recht Clara Wichmann

Utrecht, 31 maart 2014

Lees verder

 


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

[v] Interview Klara Boonstra.

 

 

 

 

 

 

 

 

[vi] Dit was in grote lijnen correct. Loondienst werd niet genoemd.

 

 

 

 

 

 

 

 

[vii] De belastingdienst stelt dat het nu gemakkelijker hoort te zijn voor prostituees om een hypotheek te krijgen, omdat er dankzij opting-in inkomensoverzichten zijn, die vereist zijn voor het verkrijgen van een hypotheek.

 

 

 

 

 

 

 

 

[viii] De directrice van Kerasos erkent dat dit bij meerdere leden het geval is, maar dat zij in de gaten houdt dat de leden wel een minimum bedrag storten en dat in bedrijven die met opting-in werken ook gedeeltelijk zwart gewerkt wordt (interview).

 

 

 

 

 

 

 

 

[ix] De uitleg besloeg zowel het bedrijfsmodel als de kritiek van de belastingdienst op de coöperatie.

 

 

 

 

 

 

 

 

[x] Dit geldt bijv. ook voor raamprostituees.