middeleeuwse herberg, met vrouwelijke gasten

Door de eeuwen heen wordt prostitutie gekenmerkt door mobiliteit. Sekswerkers bewegen zich van continent naar continent, van land naar land, van stad naar stad, van werksoort naar werksoort (bijvoorbeeld van het werken in clubs naar het werken achter het raam), van werkplek naar werkplek. Sekswerkers pendelen soms tussen verschillende filialen van één eigenaar. Er was en is bijvoorbeeld veel verkeer van sekswerkers tussen Rotterdam en Den Haag. Conflicten op de werkvloer van prostitutiebedrijven vormen een reden voor mobiliteit binnen  de prostitutie.

Sekswerkers bewegen zich ook in en uit de prostitutie. Sommigen stoppen af en toe voor een langere tijd. Anderen werken parttime of volgen een studie naast het werk.

Een voorbeeld van deze voortdurende mobiliteit:.

Een mij bekende sekswerker ging in Rotterdam als zelfstandig onderneemster in een club werken. Ze kreeg echter ruzie in de club en besloot weer in Amsterdam achter de ramen te gaan zitten. Dat deed ze enige tijd naar tevredenheid totdat de exploitant de huisregels veranderde. Ze mocht ineens haar hondje niet meer meenemen. Ze ging naar een andere exploitant in Amsterdam. Deze ging met pensioen. Tevens vernam ze uit de media dat het voortbestaan van de raamprostitutie in Amsterdam onzeker was geworden.  Ze ging een paar weken in Haarlem werken, maar vertrok daar al snel. (De ramen zijn te duur, te weinig klanten). Daarna probeerde ze het in Utrecht maar kon daar alleen achter een raam werken dat volgens haar zeggen steeds door duiven werd onder gescheten. Ze ondernam nog een poging in het Haagse raamgebied (te veel drugs) en Antwerpen (te ver) haar brood te verdienen, maar ze kreeg er genoeg van. Ze besloot te stoppen en meldde zich bij een hulpverleningsorganisatie. Na een paar weken kwam ze geld te kort en ging ze toch weer werken.

Die mobiliteit in de prostitutie is van alle tijden, van ver voor de tijd dat er auto’s en vliegtuigen beschikbaar waren. Zo werkte in de negentiende eeuw Geeske Hoekstra tussen 1864 tot 1874 als prostituee in Zwolle, Groningen, Leeuwarden, Amsterdam en Rotterdam en daarna in dezelfde steden als bordeelhoudster en tapster. [I]Bossenbroek en Kompagnie 90, 1998

Mobiliteit heeft verschillende redenen. Teneinde het effect van het stigma te verzachten werken sekswerkers zelden in hun eigen stad of woonomgeving. Het lijkt vanzelfsprekend dat de verwachting meer te verdienen sekswerkers aanzet tot mobiliteit. De vraag naar ‘nieuwe meisjes’ van klanten zou daarin een grote rol spelen. Dit is echter relatief. Sekswerkers vertelden mij dat het verlies van een werkplek ook het verlies van vaste klanten betekende.

Armoede

Talloze vrouwen verklaarden hun keuze voor sekswerk uit armoede. Sekswerk is altijd een van de weinige mogelijkheden om in het levensonderhoud te voorzien geweest voor vrouwelijke nieuwkomers. In vroegere tijden was het wegvallen van een of beide werkende ouders ook een reden om naar de stad te trekken om met prostitutie een inkomen te verwerven. Nieuwkomers op een continent, in een land of stad konden emplooi vinden in sekswerk omdat dit zelden was gereguleerd. In de middeleeuwen bijvoorbeeld was het een vorm van arbeid die niet onder het gezag van de gilden viel.

Evenementen

Kermissen, jaarmarkten, optochten en sportevenementen trokken sekswerkers ‘van buiten’ de organiserende stad aan. In 1963 ging een groep Rotterdammers per boot naar een voetbalwedstrijd tegen Benfica in Portugal. Een combiticket voor de wedstrijd en de boot kostte 600 gulden. 32 sekswerkers van Katendrecht dreven toen tijdelijk hun handel op de boot. [II]Van der Horst, 2017 Bij ieder WK of een ander groot sportevenement ontstaat er vaak een paniek over de vele vrouwen en meisjes die gedwongen zouden worden aan de gigantische vraag van mannen naar seks te voldoen. Uit onderzoek is echter gebleken dat dit tegenwoordig familie-uitjes zijn. [III]Richter, 2010

Straf

Meer dan bij andere beroepen is ‘sociale uitsluiting’ een reden geweest om in de prostitutie terecht te komen. Veel vrouwen werden verstoten omdat ze de regels hadden overtreden, bijvoorbeeld het verbod op seksualiteit voor het huwelijk. Een veelvoorkomende straf voor ‘ontucht’ of hoererije was in het verleden ‘verbanning uit de stad’.

Beleid

Veranderingen in landelijk of plaatselijk beleid of de vreemdelingenwet liggen soms ten grondslag aan deze mobiliteit. In 2012 mochten Bulgaarse en Roemeense sekswerkers niet meer volgens toen het gangbare systeem voor belastingbetaling in massagesalons, clubs en privéhuizen werken. Velen onder hen trokken daarom naar raamgebieden.

Tegenwoordig is het in veel steden verboden om zonder vergunning thuis klanten te ontvangen. Voor vrouwen uit Den Haag was dat een reden om naar steden te verhuizen waar het nog wel mogelijk was, bijvoorbeeld Zoetermeer of Rotterdam.

Dergelijke ‘beleidsmigranten’ bestonden ook in andere tijden, bijvoorbeeld in de negentiende eeuw. Wanneer een sekswerker met syfilis besmet bleek te zijn moest ze terug naar haar oorspronkelijke woonplaats om (verplicht) behandeld te worden. Zo moest Cornelia Clasina de Kedts Houtman, die als prostituee in Rotterdam werkte maar in Gouda was geboren, naar Gouda om een behandeling te ondergaan. Na een maand werd ze genezen verklaard en ging terug naar Rotterdam, alwaar spoedig bleek dat ze nog steeds ziek was.

Vervoersmiddelen

Tot de komst van het treinverkeer, bijvoorbeeld in Rotterdam in1877 verplaatsten mensen zich vaak per boot naar de Maasstad. Men reisde wel per koets en wie zich een paard kon veroorloven kwam te paard. Ook te voet legden mensen grote afstanden af. De auto bood weer nieuwe mogelijkheden. Vliegverkeer maakte intercontinentale mobiliteit mogelijk. De laatste jaren maken sekswerkers uit ‘de nieuwe EU landen’ gebruik van goedkope buslijnen.

Migratie

In de negentiende eeuw zien we vooral Franse en Duitse migranten als sekswerkers werken. In de Eerste Wereldoorlog kwamen ook vele Belgische sekswerkers naar Nederland.

Toen de eerste Surinaamse sekswerker zich in Amsterdam manifesteerde-  Zwarte Lola- kon ze rekenen op een grote klantenkring. In 1970 was op Katendrecht 16 % van 283 prostituees Surinaams.

Lees meer over de opeenvolging van migranten

Over de Thaise  

De Afrikaanse sekswerkers

Latina’s in Rotterdam

Sekswerkers uit Centraal en Oost- Europa

Sietske Altink

Bronnen

Noten   [ + ]

I. Bossenbroek en Kompagnie 90, 1998
II. Van der Horst, 2017
III. Richter, 2010