Café Pleinzicht in Amsterdam waar exploitanten besloten 'nozems' in elkaar te gaan slaan. Zie Han van der Horst: De mooiste jaren van Nederland

Café Pleinzicht in Amsterdam waar exploitanten (Rinus Vet en Haring Arie) in 1959 besloten ‘nozems’ in elkaar te gaan slaan. Zie Han van der Horst: De mooiste jaren van Nederland

Wie zijn de raamexploitanten? Waar komen ze vandaan en hoe is hun bedrijfsvoering? Is die sinds de wetswijziging van 2000 veranderd? De informatie over hen komt vooral uit de media en uit verhalen van oudere sekswerkers. Een van hen vertelde in 1991:

Vroeger was het hebben van een kast een nevenactiviteit. Zo had een van de exploitanten waar ik van huurde ook een wasserette. Daar werd geld wit gewassen. Je kon er ook keren laten wassen. Erg professioneel ging het er niet aan toe. Zo was er Mie de Gierigaard. Zij kocht op het Waterlooplein oude gordijnen en naaide die aan elkaar. Die legde ze dan op het bed.

De vrouwelijke exploitanten waren vaak voormalige sekswerkers die een eigen ‘kastje’ hadden gekocht. De mannelijke exploitanten waren meestal mannen die een huis kochten in een buurt met raamprostitutie en soms hun eigen vrouwen achter het glas zetten. [i] In de jaren vijftig, zestig en zeventig waren exploitanten dus zelf nogal eens pooier.

Arnhem: Rudy Kousbroek

Uit de literatuur blijkt dat de exploitanten in de jaren zeventig en tachtig zeer agressief waren. In het Arnhemse Spijkerkwartier waren in de jaren zestig en zeventig pooiers (exploitanten) nog met pistolen gewapend om te voorkomen dat de concurrentie er met hun vrouwen vandoor gingen. (Crone, 2003)

Een van de meest spraakmakende exploitanten in het Arnhemse Spijkerkwartier was Rudy Kousbroek. Hij was horeca-ondernemer en werkte voordien op de grafische afdeling van Fotolitho Rijnmond. Naast horeca had hij een slagerij en een boetiek. Kousbroek nam ook een kruidenierswinkel over en exploiteerde een illegaal café in het Spijkerkwartier. Kousbroek kocht  een kerk en maakte er een galerie van.

In de jaren zeventig hoorde deze Rotterdammer dat er in Arnhem geld viel te verdienen. Met twee sekswerkers vertrok hij daarop naar Arnhem. Hij verwierf uiteindelijk 40-50 ramen.

Behalve Kousbroek zaten alle Arnhemse exploitanten in het BES: Belangen Exploitanten Spijkerkwartier. De BES verzette zich tegen de gemeenteplannen de raamprostitutie buiten het centrum onder te brengen, maar het buitenbeentje Kousbroek kwam in 1999 juist met een plan voor een Eroscentrum in een buitenwijk. (Crone, 2003 ) Dat is er echter nooit gekomen.

Amsterdam

In 2007 kwam de exploitant Charles Geerts in het nieuws omdat meer dan 50 ramen van hem in verband met Bibob procedures gesloten moesten worden. De wijze waarop hij de aanschaf van de panden had gefinancierd stond namelijk ter discussie. Maar waarom was Amsterdam sowieso met deze man in zee gegaan? Wie was hij?

Geerts was begonnen als groente- en fruithandelaar. Later ging hij zich met sigarettensmokkel bezighouden. Daarnaast handelde hij kleinschalig in cocaïne. [ii]Geerts verlegde vervolgens zijn werkterrein naar de Verenigde Staten alwaar hij een porno-imperium opbouwde. Volgens verschillende bronnen is er tussen eind 1989 begin 1990 een pact gesloten tussen de bekende crimineel Bruinsma en Geerts. Bruinsma zou miljoenen in het pornobedrijf van Geerts hebben gestoken. (Middelburg, 1992)

De gemeente Amsterdam heeft ‘modelexploitant’ Geerts bij de opbouw van zijn imperium in Amsterdam geholpen. Hij had panden van kleinere exploitanten overgenomen omdat zij niet het geld hadden om de aanpassingen te doen die de aanstaande wetswijziging van 2000 vergde. Om zijnentwille werden de bestemmingsplannen aangepast. [iii]In ruil voor vergunningen voor nieuwe panden in het Wallengebied sloot Geerts zijn peepshowtent. Het laatste wat we van hem vernamen is dat de gemeente hem voor 26 miljoen euro had uitgekocht.

Den Haag

De Haagse penoze bedreigde in de jaren tachtig Haagse ambtenaren die een prostitutiebeleid moesten gaan vormgeven. Enkele Haagse raamexploitanten hadden banden met criminelen, stonden te boek als coke handelaren en waren soms betrokken bij schietpartijen en moorden. Dat blijkt bijvoorbeeld uit het boekje van Kortebrink over de Haagse penoze. Een van zijn informanten was Nico van Empel (Kortebrink, 2012) Als jonge jongen veegde deze Nico de sneeuw van de stoepen in de Geleenstraat. Hij kreeg daar een knaak per raam voor, in de goedkope straten één gulden. Zo kwam hij in aanraking met de gebroeders Fens. Tinus Fens was een voormalig inbreker en wapenhandelaar die mensen ook aan valse paspoorten kon helpen. Tinus Fens had in de Katerstraat en Nieuwe Molstraat een paar prostitutiepanden gekocht en laten verbouwen. Die moesten echter van de gemeente een andere bestemming krijgen. Tinus Fens zou daarom (van gemeentewege) gecompenseerd worden met een plek in de Geleenstraat. Maar er was een onderhandse afspraak gemaakt dat de panden alleen aan Henk Bartels of aan Henk Rijstenbril, de grote mannen van de rosse buurt, mochten worden verkocht. Tinus Fens liep op een gegeven moment te schreeuwen dat hij er heroïnezaken van zou maken. In 1984 werd Tinus Fens vermoord, waarschijnlijk uit angst dat Fens zijn dreigement waar zou maken.

Bartels vreesde dat de Geleenstraat net als de Doubletstraat door heroïne zou verloederen. Hij wilde van de Geleenstraat de sjiekste uitgaansstraat van Nederland met nachtclubs en al maken. Hij en Rijstebril wilden de zaken professioneel aanpakken. Beiden werden gearresteerd in verband met de moord op Tinus Fens. [iv]Toen Tinus werd doodgeschoten was Henk Bartels al ziekelijk. Hij was begonnen te ‘zingen’, dat wil zeggen, te klikken bij de politie. Vandaar dat hij de zingende Rot werd genoemd. In 1989 verklaarde Bartels dat hij gelogen had over de moord op Tinus Fens en dat de heroïnemaffia erachter zat. Dit werd niet meer uitgezocht. Op 9 januari 1990 stierf de oude Bartels in Bangkok. [v](Korterink, 2012).

Vrouwenhandel

In 1984 was ene Vilma of Vilna als exploitant in Den Haag actief. Deze transgender regelde mannen die bereid waren met jonge Colombiaanse vrouwen te trouwen die zo een verblijfsvergunning konden verkrijgen. Die schijnhuwelijken vonden in Denemarken plaats. Via Brussel gingen de vrouwen naar een groot huis waar Vilma verscheen om de paspoorten af te pakken. De vrouwen hadden 75.000 gulden schuld en moesten per week 1500 gulden afbetalen. Voor 45.000 gulden kon het contract door een klant worden afgekocht. De vrouwen werden mishandeld en verkracht. Zo zijn 75 vrouwen in Den Haag terechtgekomen. In februari 1984 lagen er zes aangiften. De familie van Vilma maar ook Haagse bordeelhouders waren er bij betrokken. In 1991 duikt de naam van Vilma weer op tijdens het proces tegen de Bende van de Miljardair, een van de grootste vrouwenhandel bendes in de jaren negentig. (Korterink, 2012, De Stoop 1992, Altink, 1993) [vi]

In 1995 werden in Arnhem, Amsterdam en Den Haag afdelingen opgericht van het Samenwerkend Overleg Raamprostitutie (SOR), een organisatie van raamexploitanten. [viii] In de periode waarin de wetswijziging werd voorbereid, was actief SOR lid Arie de Jong de gesprekspartner van de overheid.[ix] Arie de Jong, ofwel Arie Grotekop, was exploitant in de Haagse Doubletstraat. (Overleden in 2001.) Deze man maakte deel uit van het Landelijk Prostitutie Overleg en schuwde de publiciteit niet.

Hij was in de oorlog in de Haagse Schilderswijk geboren. Via de voorzitter van een voetbalclub kwam hij in de rosse buurt. Hij bezorgde er de leesportefeuille en handelde in sigaretten. Arie reed met hem mee wanneer hij de huur ging ophalen. Arie kocht zijn eerste prostitutiepand voor 10.000 gulden. Op het laatst had hij 21 ramen. [x]Hij liet zich bij die gelegenheden niet altijd vriendelijk uit over de mensen die hem heel lang een inkomen verschaften. Enkele uitspraken van hem:

‘In de prostitutie werkt uitschot. Je moet ver zijn gezakt om je lichaam te verkopen.‘ [xi] Arie klaagde erover dat ‘de meisjes’ niets begrepen, zelfs niet hoe een koffiezetapparaat werkt. [xii]  (…) Goeie prostituees zie je bijna niet meer. Dat kan ook niet anders, negen van de tien spreken de taal niet. In principe zijn ze geen hoeren; ze kunnen niet converseren. Ze doen alleen de daad.’ [xiii]Hij verweet Nederlandse vrouwen hun condoomgebruik. Hij formuleerde dit als volgt: 90% van de klanten doet het zonder. Dat geldt ook voor de meisjes, ze weten niet beter. Maar vijf van de 200 klanten laten zich niet douwen zonder gummi. [xiv]  En: ‘De meisjes zullen zich lekker voelen, ze kunnen weer discrimineren.’  Ik moet legale meisjes nemen, maar die zijn te duur. Illegale meisjes gaan het elders voor een appel en een ei doen. (…)’Legale meisjes zijn nauwelijks te vinden. In de jaren zestig kwamen hier de eerste gastarbeiders. (…) Maar die mannen hebben een heel andere beleving van de geslachtsdaad dan wij. Ze behandelen hun hond nog vaak beter dan een vrouw. De Hollandse dames weigerden die mannen. De dames uit Zuid-Amerika accordeerden wel met deze mannen. [xv]

Hij bemoeide zich ook altijd met de prijzen die de vrouwen moesten vragen. Hij nam het De Rode Draad kwalijk dat zij de vrouwen adviseerde de prijs te verhogen met een BTW-toeslag. Dan zouden er minder klanten komen, en als er minder klanten kwamen zou hij minder ramen verhuren. Zelf betaalde hij geen belasting, Dat zei hij tijdens een vergadering die vanuit Landelijk Prostitutie Overleg. (8 januari 1997). In 1999 kwam hij nog in het nieuws omdat hij zijn ‘lege’ ramen wilde vullen met vrouwen uit Spanje en Zweden die hij hoogst persoonlijk zou gaan werven. [xvi]

 Exploitanten en positieverbetering

Anno 2014 hebben gemeenten de neiging om de doelstelling positieverbetering voor sekswerkers, te ‘privatiseren’ door dit aan exploitanten uit te besteden. De exploitanten moeten bijvoorbeeld in Amsterdam intake gesprekken houden met de vrouwen die bij hen willen werken.

De geschiedenis levert echter geen aanwijzingen op dat raamexploitanten ooit een bijdrage  aan positieverbetering hebben geleverd.

In 1988 waren de raamexploitanten bijvoorbeeld op een overleg waar ook de Rode Draad bij aanwezig was. Uit het verslag van De Rode Draad:

Daar zeiden exploitanten onder meer het volgende: ‘De overheid wil dat we bij de ramen aparte ontspanning- en verblijfsruimtes maken. Maar die vrouwen hebben geen tijd om te zitten kletsen. En een keuken? Ze vergeten toch het gas uit te doen. Ons werd verweten dat wij de prostituees tegen de exploitanten zouden opzetten. Wij zouden zoveel mogelijk willen bevorderen dat vrouwen zelfstandig gaan werken, dan wel een eigen bedrijf opzetten en niets meer met de exploitant te maken willen hebben. (…)  Volgens de exploitanten hadden de prostituees wel rechten: ‘Wanneer een kamer vies is, dan kan een vrouw toch een andere kamer kiezen’.

Geen illegalen

Net als Amsterdam liep Den Haag op de wetswijziging vooruit door het werken van mensen zonder papieren te verbieden. Dit was niet naar de zin van ondernemers die dreigden hun panden aan criminele Joegoslaven (Joegen) te verkopen.[vii]

Exploitanten in Deventer, Groningen en Alkmaar richtten samen met advocaten verenigingen op, om de belangen van sekswerkers te behartigen zodat illegalen konden blijven huren en er geen grote leegstand zou ontstaan. Ze lieten de vrouwen de advocaten betalen. Sowieso verdienden veel advocaten een goede boterham aan pogingen een verblijf/werkvergunning voor deze vrouwen te regelen, overigens een vrijwel kansloze onderneming. De exploitanten kwamen steeds met het klassieke argument dat als ze niet legaal kunnen werken, ze de illegaliteit zouden ingaan. Ook wanneer er sluitingstijden werden ingesteld beweerden de exploitanten dat de vrouwen na sluitingstijd illegaal gingen werken. Dit argument van het toenemen van het illegale circuit werd steeds minder serieus genomen omdat het nooit hard werd gemaakt.

Zijn er dan geen goede raamexploitanten? Ze zijn er, maar ze zijn moeilijk te vinden. Eén van hen wou bijvoorbeeld de huren verlagen, maar werd geïntimideerd door collega’s die het daar niet zo mee eens waren. Ina Vos, een vrouwelijke raamexploitant die het moest afleggen tegen ‘de grote jongens’ werd in 1997 vermoord.[xvii]

Sietske Altink

Bronnen

Lees meer over: Het ontstaan van raamprostitutie

Gemeentelijk beleid en raamprostitutie

Omvang raamprostitutie

Oude exploitanten: Frits van de Wereld

Huurprijzen en raampanden

Werken achter het raam

Raamprostitutie in Nijmegen

 

 

[i] Panorama 8-12-1999

[ii] NRC 24 augustus 2007

[iii] NRC 3-12-2006

[iv] Leidsche Courant 24-5-1989, (Crimilexicon op internet, een posting van 8-8-2012

[v] Nog steeds exploiteren nazaten van Bartels bordelen in Den Haag en Rotterdam.

[vi] Tijdens een persoonlijke communicatie is mij verteld dat deze Vilma in 2012 nog steeds actief als exploitant.

 

[vii] Haagse Courant 11-9-1998

[viii] Dat blijkt uit de notulen van een vergadering van het Landelijk Prostitutie Overleg waarin werd besproken of de Drie Sorren ook lid konden worden.

 

[ix] Schrijver dezes heeft hem meerdere malen meegemaakt.

[x] Panorama, no. 22-9

 

[xi] De Wallen op stap: 1995, geplaatst op Youtube op 28 juli 2009

 

[xii] Het Landelijk Prostittutie Overleg over belastingkwesties 8 januari 1997

 

[xiii] Aktueel 4-2-1999

[xiv] Panorama 22-98

[xv] Volkskrant 8 oktober 1998

[xvi] o.a. Dagblad van Almere, 5-1-1999

 

[xvii] Parool 12-8-1997